03 / visuele identiteit
pmA
De vraag was simpel: kun je een logo maken?
Peter Jongman: filosofie, ontwerp en uitvoering.
De briefing
De lat lag niet hoog. Ik legde hem zelf hoger.
De vraag van Platform Mensenrechten Apeldoorn was letterlijk: kun je een logo maken?
Maar een logo alleen vond ik te weinig. Als mensenrechten ergens over gaan, dan is het over mensen die zich uitspreken.
- Over verontwaardiging.
- Over onrecht.
- Over boosheid.
Dus zocht ik niet naar een keurige organisatie-identiteit, maar naar iets dat ook als teken van actie kon werken.
Het idee
Recht.
Onrecht.
Mensenrechten zijn een abstract begrip. Ik zocht daarom niet naar een symbool voor mensenrechten, maar naar een eenvoudig beeld voor gelijkheid en onrecht.
Iedereen is gelijk. Dus bestaat het beeldmerk uit dezelfde eenvoudige vierkante vormen.
Maar één vorm staat scheef. Niet in zijn recht. Of juist andersom: misschien staat die ene wél recht en is het de wereld eromheen die scheef staat en het onrecht veroorzaakt.
Die dubbelzinnigheid vond ik belangrijk. Het teken hoeft niet uit te leggen wie er fout zit. Het laat alleen zien dat gelijk niet altijd gelijk behandeld wordt.
Richting
Een mensenrechtenlogo.
Liever niet.
Mensenrechtencommunicatie heeft een herkenbare beeldtaal. Handen. Duiven. Wereldbollen. Blauw. Verzorgd, vriendelijk en institutioneel.
Voor pmA wilde ik iets anders. Minder instituut. Meer beweging. Eenvoudig. Direct. Een beetje rauw.
Het beeldmerk moest tegen imperfectie kunnen. Op een affiche, T-shirt of visitekaartje, maar net zo goed op een stuk karton of een muur.
Niet perfect reproduceren. Wel onmiddellijk herkennen.
Free-use
De anarchistische A.
Geen rechten.
Ik wilde een beeldmerk dat iedereen kon namaken. Zonder illustrator. Zonder handleiding. Met stift, verf, tape of een spuitbus.
De anarchistische A was daarbij een belangrijk referentiepunt: niet vanwege de politieke betekenis, maar vanwege het principe. Een eenvoudig teken dat van niemand lijkt te zijn en daardoor van iedereen kan worden.
Het beeldmerk moest vrij gebruikt kunnen worden. Door iedereen. Nagetekend, gekopieerd, gestencild, gespoten, verminkt of verbeterd. Geen ®. Geen ©. Geen toestemming.
Een logo voor mensenrechten waarop niemand rechten hoeft te claimen.
Hoe vaker het zonder toestemming opduikt, hoe beter het werkt.
Typografisch principe
Niet het platform.
De mensenrechten.
In de naam en typografie krijgt alleen mensenrechten nadruk. De m is vet. De p van platform en de A van Apeldoorn blijven regular.
Platform en plaats zijn de context. Mensenrechten zijn het onderwerp.
Kleur
Geen partijkleur.
Wel alarmkleur.
De felle marker-kleur heeft geen politieke betekenis. Juist niet. Een vaste politieke kleur zou het platform meteen in een bestaand kamp trekken.
De kleur heeft maar één taak: aandacht eisen. Zoals een markeerstift of een high-visibility jack. Zichtbaar omdat er iets is dat je niet over het hoofd mag zien.
De exacte tint mag veranderen. Het principe niet: hij moet bijna onbeleefd veel aandacht trekken.
Uitwerking
Eenvoudig genoeg
om zelf te gebruiken.
Inhoud
Ook de uitleg moest eenvoudig blijven.
Dezelfde directheid moest terugkomen in de inhoud. Korte vragen. Heldere antwoorden. Geen beleidsjargon.
De zwart-witte FAQ is daarom geen huisstijltoepassing, maar een voorbeeld van hoe de gedachte ook in taal en uitleg doorwerkte.
Activisme heeft geen brand manual nodig.
Het principe
Als je het zelf kunt kliederen, werkt het.
Een koelkastdoosdeksel als mal. Houtskool op een muur. Meer was er niet nodig om te testen of het beeldmerk buiten een scherm nog overeind bleef.
Dat was precies de bedoeling.